Geplaatst op Geef een reactie

Jong geleerd

‘Ik was al op mijn vijftiende ondernemer,’ zegt de jonge man trots. Hij staat in het kantoor naast de ruimte die ik misschien wil huren. Achter hem zie ik het team dat hij heeft overgenomen van de vorige eigenaar van zijn bedrijf.

‘Ik kocht elektrische wagentjes in vanuit Amerika, en verkocht ze weer door in Nederland.’

Op mijn vijftiende nam ik een krantenwijk omdat mijn moeder niet genoeg geld had om me met schoolreisjes mee te laten gaan. Zes ochtenden in de week stond ik om vijf uur op, zodat ik niet meer als enige thuisbleef maar gewoon mee kon naar Londen of Parijs. Ik hield zelfs geld over om af en toe een fotorolletje te laten ontwikkelen (die ik had volgeschoten met de tweedehands camera die ik kreeg van een bekende van mijn moeder). Natuurlijk ging van al mijn inkomsten wel eerst de helft naar mijn moeder. Dan was de kans weer wat kleiner dat ik dingen aan de caissière moest teruggeven als ik boodschappen deed voor de hele familie. Heel vaak stond er nét iets te weinig op de rekening.

Ik kijk naar de jonge man, en realiseer me dat als je elektrische auto’s inkoopt op je vijftiende, je niet dat soort zorgen hebt als ik had. Ik krijg een klein beetje een hekel aan hem, terwijl hij er natuurlijk ook niet zo veel aan kan doen, dat hij een verwend ventje is.

Nu denk ik aan mijn zoontje, die tien vriendjes mocht meenemen voor het paintballen op zijn verjaardag. Hij zal misschien ook een keer tegen een vriendje zeggen: ‘maar dan ga je toch óók paintballen op je verjaardag? Hartstikke leuk’. Misschien is dat vriendje wel net zo arm als ik vroeger, en krijgt hij per ongeluk ook een beetje een hekel aan mijn zoontje.

Daar kan hij dan ook niks aan doen.

Geplaatst op Geef een reactie

Chef

‘Ik ben een perfectionist, dat is het probleem,’ zegt de chefkok van het restaurant. ‘Ik wil dat alles gewoon helemaal picobello is. En ik wil ook dat iedereen in het team perfect is. Dus niet alleen het eten mooi opgemaakt op het bord de keuken uit sturen, maar er ook zelf netjes uitzien. De overhemden en de broeken en de schoenen helemaal perfect, niet slordig.’

‘Heb je dan een open keuken?’ vraag ik.

Hij knikt. Ik denk aan de keren dat ik in keukens werkte en waar het eten mooi naar buiten ging, maar waar we zeker niet piekfijn gekleed waren, zelfs als het open keukens waren.

‘Een voorbeeld,’ zegt hij. ‘Toen hun veters kapot gingen, hebben ze een stuk plastic gepakt en dat heel erg ver uitgerekt, daar hebben ze veters van gemaakt voor in hun schoenen.’

En dan begrijp ik hem.

Geplaatst op Geef een reactie

Grondig

‘Ik heb 500 uur onderzoek gedaan op internet,’ beweert de man op Linkedin die vaccinaties als een groot gevaar ziet. ‘Dus ik weet waar ik het over heb.’

Even twijfel ik. Moet ik nou deze onbekende meneer die superveel youtube filmpjes heeft gekeken vertrouwen of mijn zus, die gepromoveerd epidemioloog is en al twintig jaar artsen en verpleegkundigen traint in het doen van statistisch verantwoord wetenschappelijk onderzoek? Zij vindt het wél een goed idee om gevaccineerd te worden.

Ik besluit toch maar mijn zus te vertrouwen.