‘Je zal schrikken,’ zegt ze, ‘zoveel als je op hem lijkt.’

Ik kijk mijn moeder verbaasd aan. Ik heb de foto’s van mijn vader gezien, kaal, vest en overhemd, strenge ogen. Mijn haar ligt dik krullend op mijn hoofd, ik kleed me totaal niet hetzelfde en alle meisjes zijn gek op mijn lachrimpels. Wat kan ik van zijn gewoontes en gebruiken hebben overgenomen in de vijf jaar dat hij in mijn leven was, zestien jaar geleden? Ik lach mijn moeder uit, zij glimlacht en zegt verder niets. Ik pak mijn tas en ga op weg, naar mijn vader.

‘Nee hoor, ik heb de video niet bij me,’ houdt mijn vader bij hoog en laag vol tegen zijn vrouw. Die zucht, zijn dochter zucht ook. Ze hebben net als ik gezien hoe hij de video onder zijn jas stopte vlak voordat we de videotheek in stapten.

Ik kijk verbijsterd naar hem. Hij maakt dezelfde stomme grap als ik! Als ik met mijn zusje boodschappen ga doen, probeer ik haar vaak te laten denken dat ik het boodschappenlijstje vergeten ben of de portemonnee, maar ze trapt er bijna nooit in.

Ook al is dat het enige dat ik gemeen heb met mijn vader, die grap haal ik nooit meer uit.