‘Er zit geen slot op jullie toilet,’ zeg ik tegen de vader. Hij knikt en kijkt naar zijn dochtertjes van 2 en 4 die in de keuken aan het spelen zijn.
‘Anders sluiten ze zich misschien op,’ zegt hij. Ik knik en ga het toilet in. Dan maar de deur in de gaten houden.

Mijn ochtendevacuatie verloopt voorspoedig. Dan hoor ik voorzichtige voetstapjes in het halletje voor de deur. Ik grijp gelijk de deurklink beet.
‘Wat ben je aan het doen?’ Het dochtertje van vier staat voor de deur.
‘Ik zit op het toilet,’ zeg ik. Ik voel de klink bewegen, hou hem vast.
‘Maar wat ben je aan het doehoen?’
‘Ben aan het poepen,’ zeg ik, want ik herinner me dat de vader en moeder geen geheimen willen hebben voor hun kinderen over gewone dingen.
‘Oh. Mag ik binnenkomen?’
‘Nee!’ zeg ik. Weer voel ik de klink bewegen. Dan hoor ik ook de voetstapjes van het jongste dochtertje.
‘Wat ben je aan het doen?’ vraagt ze aan haar zus.
Die zegt niks, maar ik voel nu twéé kindertjes aan de klink hangen.
‘Doe nou open!’
‘Nee, dat wil ik niet. Ik poep liever in mijn eentje,’ zeg ik.
‘Van papa en mama mogen we kijken!’ zegt de oudste verontwaardigd.
‘Ik ben jullie papa en mama niet,’ zeg ik.
‘Papa! Papa!’ roept de oudste dan naar de keuken, ‘mogen we kijken?’ Ik verwacht dat hun vader nu een eind aan dit gedoe maakt. Dan hoor ik een onderdrukte lach van hem en van zijn vrouw.
‘Ja hoor, dat mag best.’
Ik verstijf.
‘We mogen binnenkomen!’ zegt het meisje, dat nu met haar volle gewicht aan de deurklink hangt.
‘Van mij niet!’

Ik wil van het toilet af, zo snel mogelijk, maar ik moet nog iets heel belangrijks doen. Met links haal ik wc-papier van de rol. Dan zie ik dat ik met mijn rechterhand de deurklink vast hou. Een tactische fout. Met rechts veeg ik. Wat nu?
‘Doe open, doe open, doe open!’ gilt het meisje. Haar zusje begint te huilen. Een van de twee schopt tegen de deur, bonk bonk bonk, zodat de deur ervan trilt.
‘Er vliegen elfjes door de tuin! Ga snel kijken!’ roep ik. Even is het stil.
‘Jij kan de tuin helemaal niet zien!’ roept ze terug. Ik hoor de ouders nu hardop lachen. Ze herhalen mijn zin over de elfjes. Het meisje blijft trekken aan de deur, haar zusje gaat steeds harder huilen.
‘Doe nou open! Ik wil kijken!’ Nu huilt ook het oudste meisje. Ze stampt met haar voetjes op de vloer voor de deur, en even voel ik dat ze de klink loslaat. Snel wissel ik mijn handen van positie. Niet snel genoeg. Ze heeft de klink alweer vast voordat ik de handenwissel heb afgemaakt, en de deur gaat een heel klein beetje open. Ik grijp de klink goed vast, verschuif op de pot zó dat ik de kier tussen de deur en de deurpost kan zien, zie er geen vingertjes tussen zitten en trek daarom hard de deur weer dicht. Ik voel aan het gewicht van de deur dat ik het meisje meetrek.
Nu krijsen ze allebei, maar ik hoor gelukkig geen pijn in het gehuil.
‘Ga maar naar papa en mama,’ roep ik. Ik hoor de ouders snikkend lachen. Maar ik heb links op de deurklink en rechts vol met wc-papier. Ik ben er klaar voor. Voorzichtig ga ik staan, hou de deur goed vast, veeg snel en zorgvuldig. De meisjes huilen en schreeuwen nog steeds voor mijn deur, maar ik kan geen woorden meer herkennen in het geluid dat ze maken.
‘Papa en mama willen jullie graag een chocolade ijsje geven!’ roep ik naar ze, want ik weet dat de ouders dat absoluut niet willen in de ochtend. Misschien pak ik ze zo terug voor het niet ingrijpen.
‘Dat mahaaag ook ahal niehiet,’ jammert de oudste.
Ik merk dat het heel erg lastig is om een onderbroek op te hijsen met één hand. Een spijkerbroek ophijsen kost ook veel meer tijd, en huilende en krijsende kinderen op 30 centimeter afstand horen maakt het niet eenvoudiger. Als de broek mijn vale Hema-onderbroek volledig afdekt, laat ik de klink los. De deur schiet open en ik hoor twee meisjes achterover vallen. Even is het stil, dan beginnen ze ècht te huilen. Mijn broek is dicht, en ik doe heel voorzichtig de deur open. De vader en moeder hebben hun dochtertjes opgetild, troosten hen. Zij hebben ook tranen op hun wangen. Mij aankijken durven ze niet.
‘Wat heeft die gemene jongen nou gedaan,’ zegt papa tegen zijn oudste. Even kijkt hij me aan, maar dan proest hij het uit. Hij gaat de keuken in. Zijn vrouw kijkt me aan, wringt een opkomende lach van haar gezicht en duwt de jongste in mijn armen. Ze glipt langs me het toilet in.
‘Ik heb een beetje in mijn broek gepiest,’ zegt ze door de deur. En dan lachen ze allebei hard, de vader en de moeder. De meisjes zijn stil, want zij begrijpen het niet. En ik besluit voortaan alleen nog maar hun oude toilet met de gebarsten bril op de derde verdieping te gebruiken. Want die heeft wel een slot.