De dansers worden uitgelachen, weggejoeld. Onzeker volbrengen ze hun danspasjes. De muziek waarop ze bewegen staat hard, maar niet hard genoeg om het geschreeuw van de ordinaire troela’s achter mij te blokkeren. Dik opgemaakt, veel gouden sieraden, diepe decolletés, veel te strakke leggings, van gel en haarlak glimmend haar en met een hysterische walm van hun gecombineerde deodoranten en parfums bezetten de tien dames een ruimte waar zeker dertig mensen hadden kunnen zitten. De danser druipen af, durven niet eens naar de zaal te kijken waarvandaan ze zo respectloos bejegend zijn.

Dan komt de volgende dansgroep, de groep waar deze delletjes speciaal voor naar de Meervaart zijn gekomen, naar de halve finale van de Kunstbende. Ze staan op, beginnen te juichen en te klappen, dansen en gillen mee met de nogal matige dansvoorstelling die zich op het podium afspeelt. Als ze klaar zijn, verwacht ik half en half dat ze meteen vertrekken. Ik hoop dat het gegil en gelach achter me ophoudt als ze hun dikke reten van de veel te kleine plastic stoeltjes afwrikken en de zaal verlaten. Ze staan ook op, pakken hun jassen en nep-merktassen en lijken van plan om deze zaal verder met rust te laten.

Een meisje komt het podium op, 15 jaar. Ze loopt op blote voeten, heeft een dun jurkje met bloemetjes aan. Een tweetal jongens in zwart duwt een piano het podium op, het meisje wacht geduldig tot het klaar staat, kijkt verlegen om zich heen. Achter mij hoor ik gegiechel en gesnuif. De monsters gaan weer zitten, klaar om de volgende voorstelling tot de grond toe af te branden. Als de piano en het bankje zijn neergezet, gaat het meisje zitten en spreekt in de microfoon.

Ze komt uit Amsterdam Zuid, heeft een ietwat bekakte tongval. Ze zegt dat ze alle liedjes zelf heeft geschreven en dat ze erbij gaat zingen. Een spotlicht gaat aan, de rest gaat uit. Ik verwacht dat deze dame geslacht wordt door de meiden achter me. Ik weet zeker dat de vuilgebekte bitches dit kwetsbare stukje volstrekt kapot gaan maken.

Het meisje speelt zachtjes piano, zingt fragiele liedjes. De dames achter me houden op met praten, met lachen, met ademen zelfs. Tot het laatste liedje is afgelopen en het meisje op het podium schuchter de zaal inkijkt. Dan staan de dames achter me op en geven een staande ovatie, samen met de rest van de zaal.